Achtergrond: dit stuk ontstond uit mijn post op LinkedIn over de zes verhalen en mijn reactie op Paul Stamsnijder.
Op zondag 23 augustus keek ik naar Zomergasten. Sigrid Kaag was te gast bij Janine Abbring, en het thema van haar avond was menselijkheid. Het ging over geopolitiek, over Gaza, over mensen die in een weerbarstige wereld het goede proberen te doen. Inhoudelijk was het sterk. Ze hield de regie over haar eigen avond. En toch bleef ik achter met een gemis dat ik niet kon benoemen.
De volgende ochtend las ik de post van Paul Stamsnijder van de Reputatiegroep. Hij schreef met bewondering over haar karakter en over hoe ze weigert een karikatuur van zichzelf te laten maken. Maar hij zag ook dat ze te persoonlijke vragen ontweek, en dat ze voor het brede publiek onherkenbaar blijft.
Daar zat mijn gemis. De avond ging over menselijkheid, en toch bleef de mens zelf voor mij op afstand.
Ik schreef onder zijn post dat ik dat patroon herken uit de directiekamers waar ik zelf zat. De strategie en de cijfers krijgen alle ruimte, de persoonlijke les blijft ongezegd. Paul schreef terug: "zo is het Janneke! Dat was de paradox van de avond."
Toen wist ik het
In diezelfde weken las ik een interview met iemand die ik persoonlijk ken. Zichtbaar bevlogen. Alles klopte: de visie, de urgentie, de woorden. En toen kwam de vraag naar de eigen drijfveer, twee keer zelfs. Beide keren kwam er een antwoord dat over iedereen had kunnen gaan.
“Geen moment, geen naam, geen plek. Wel woorden als betekenis en bevlogenheid.
Janneke de Schutter
Ook daar miste ik de persoon die ik ken.
Twee keer hetzelfde gemis. In juli schreef ik over de drie verhalen die iedere directeur moet kunnen dromen: het waarom, het waarheen en het waar-nu van de zaak. Onmisbaar, maar niet genoeg. Wie alleen over de zaak vertelt, laat de lege plekken over aan een ander. En die vult ze voor je in. Het moeten er zes zijn. Drie over de zaak, en drie over jou.
Privé hoeft niet. Persoonlijk wel.
Jezelf laten zien is iets anders dan alles delen. Je hoeft niemand mee te nemen naar je keukentafel. Wat je wel moet kunnen, is uitleggen waarom je doet wat je doet. Met een voorbeeld dat de ander zich kan voorstellen. Dat is geen intimiteit. Dat is volgbaarheid.
De drie verhalen over jou
1Waarom ik hier zit (of sta)
Hoe kwam je hier terecht, en waarom juist hier? Aan tafel zit je, op het podium sta je, maar de vraag is dezelfde. Het gaat niet om je cv. Het gaat om het moment waarop je koos, en wat je toen dreef.
De testKun je het vertellen zonder een functietitel te noemen?
2Waarvoor ik door het vuur ga
Zo vanzelfsprekend dat je het nooit uitspreekt, tot iemand eraan komt. Waar ik voor sta, zegt iedereen. Dat kost niets. Waar je voor door het vuur gaat, laat zien wat het je waard is. En dat zie je pas als het je iets heeft gekost.
De testWeet je nog wanneer het je voor het laatst iets kostte?
3Waar je me op mag afrekenen
Wat mogen je mensen en je klanten van je verwachten? Geen belofte die alleen goed klinkt, maar een toets waar anderen je aan mogen houden. Wie dit hardop zegt, geeft een ander het recht om hem aan te spreken. Dat is spannend. En daarom geloofwaardig.
De testZou je team hetzelfde antwoord geven als jij?
De drie verhalen over de zaak
4Ons waarom
Waarom bestaat jullie bedrijf echt, zonder je product te noemen? Je waarom is de overtuiging waar alles op rust.
De testKan iedereen dit in één zin navertellen?
5Ons waarheen
Waar gaan jullie naartoe, en waarom die koers? Je waarheen is de stip op de horizon.
De testSchetst jouw stip een plek waar mensen bij willen horen?
6Ons waar-nu
Waar staan jullie vandaag echt, zonder mooimakerij? Je waar-nu is de eerlijke tussenstand, inclusief het stomme tussenstuk.
De testDurf je die tussenstand te delen?
Deze drie werkte ik uitgebreid uit in 3 verhalen die iedere directeur moet kunnen dromen.
Mensen volgen geen standpunt. Ze volgen een mens met een standpunt.
Kun jij ze oplepelen?
Loop de zes langs. Welke zou je morgen kunnen vertellen, met een mens, een plek en een moment erin? En welke niet?
- Waarom ik hier zit
- Waarvoor ik door het vuur ga
- Waar je me op mag afrekenen
- Ons waarom
- Ons waarheen
- Ons waar-nu
Een principe kun je voorbereiden. Een verhaal moet je durven.
Welk van deze zes zou jij nu niet kunnen vertellen? Daar zit je volgende verhaal.